Wuustwezel

Aloïs Blommaert

Meester Wies  ·  Schrijver  ·  Levenskunstenaar

Aloïs Blommaert

1912   ❧   1958

Gedachtenis Herinnering aan Aloïs Blommaert

Deze website is een eerbetoon aan Aloïs "Wies" Blommaert (1912–1958) — onderwijzer, jeugdschrijver, romanschrijver en levenskunstenaar uit de Kempen.

Gebruik het menu bovenaan om te navigeren doorheen zijn leven, zijn werk en zijn nagedachtenis.

30 juni 1958 Aloïs Blommaert overleden

De kranten berichten over zijn dood en later verschijnt ook het relaas over de begrafenis.

…Bij warme zonneglans werd de lijkbaar te kwart voor tien uit het woonhuis gedragen. Op kajottersschouders werd hij getorst en stap voor stap trok de lijkstoet door de stille straten. Vooraan de arbeidersjeugd, zijn vrienden bij uitstek en daarachter de studerende jeugd, waarvoor hij zoveel hartverkwikkende boeken schreef. Volgde dan een afvaardiging van de Ziekenaktie Onder Ons, verder Sobrietas, ook een delegatie van de Kempische schrijvers en van de Kunstenaars voor de Jeugd…
De rouwstoet vertrekt naar de kerk
De rouwstoet vertrekt naar de kerk. De kist wordt gedragen door kajotters.
Aanwezigen bij de begrafenis
v.l.n.r. Albe, Leo Opdebeeck, Emiel Van Hemeldonck, Jan Delmartino en Dokter Van den Eynde
… op verre na niet wanhopig, maar triomfantelijk en zegezeker, weerklonk bij de uitgang het 'In Paradisum'. En terwijl de engelen hem naar de hemel voeren, dragen de arbeiderskinderen hem naar het graf…

Bij het open graf staan de mensen, stilzwijgend… treurend om een edel mens, wiens ganse leven één offer was…

Op het kerkhof schetsen verschillende mensen een beeld van de levende Wies. Nadien worden deze teksten en die van enkele vrienden gebundeld in een herdenkingsbrochure. Frank Geysen, jeugdschrijver en vriend van Aloïs Blommaert, schrijft het volgende:

De vriendschap was zijn koninkrijk…

Zelden heeft iemand, gedurende zijn korte bestaan, met de gouden sfeer van zijn roekeloze genegenheid zoveel harten geraakt. Ook het mijne. 1951: Zwitserland: ik leer broer Wies kennen langs een brief. 1958: Corsica: in een broeierig dorpje verneem ik zijn afsterven. Tussen die twee plaatsen lag het begin en het einde van een zeldzame vriendschap die ik nooit meer herbeleven zal met iemand anders. Hij droeg zijn Golgota. Zweeg, bad en schreef boeken. Boven al zijn pijn en zijn menselijke kommer spande hij de regenboog van zijn weldoende glimlach. Ieder die bij hem kwam, ook de vreemdeling, doopte hij in het water van zijn naastenliefde. "Wij mogen nooit iemand pijn doen", zei hij eens.

Hij hield van Vlaanderen, van de jeugd, van de vier seizoenen, van alle mensen. Niets ontging hem. Hij kon blij zijn als een kind en toen hij voor mij in de tuin ging, leek hij een vermoeide apostel uit een moderne tijd. Hij stond met zijn hart temidden van de mensen en toch was hij, innerlijk, een eenzame. Uren hebben we gepraat in de rustige intimiteit van zijn werkkamer, op dat ogenblik, het middenpunt van de wereld. Vlaamse auteurs hadden zijn voorkeur, "de andere lees ik later wel"…

Felix Timmermans, Ernest Van der Hallen, Jozef Simons, zij waren dienaars van hun Vlaamse volk. We mogen Wies Blommaert in de rij van deze pelgrims plaatsen…

Hij was een begenadigde. Zijn verdriet en zijn vreugde vloeiden samen in de zee van zijn goedheid. En boven alles was hij eenvoudig gebleven. Dit is de schoonste ontroering voor hen die nu nog broer Wies ontmoeten in een gebed. — Frank Geysen, jeugdschrijver en vriend

Nagedachtenis Aloïs Blommaert herinneren

Grafsteen
Grafsteen vervaardigd door beeldhouwer Herman Cornelis en kunstsmid Maarten Pauwels

Enkele maanden na de begrafenis wordt een grafsteen onthuld. Het is een zwaar en massief arduinen blok met het gelaat van de lijdende Christus van beeldhouwer en vriend Herman Cornelis en boven op het kruis troont de Blauwvoet van kunstsmid Maarten Pauwels.

Ook de gemeente Wuustwezel blijft hem gedenken. Na zijn overlijden komt er een Aloïs Blommaertstraat.

In 1983 wordt hij herdacht met een academische zitting, een opstelwedstrijd voor de jeugd, de heruitgave van 'Het gestolen miljoen' en de onthulling van een gedenkplaat aan het huis waar meester Wies leefde en werkte.

In juni 2001 realiseert de gemeentelijke lagere school De Wissel een filmproject 'De duivel in de put' naar een jeugdboek van A. Blommaert, onder leiding van de directeur Neel Vermeiren en het ganse schoolteam. Alle kinderen van eerste tot zesde leerjaar hebben een rol in de film.

Inhuldiging CC Blommaert
Inhuldiging CC Blommaert

In augustus 2001 is er de feestelijke inhuldiging door burgemeester J. Ansoms van het 'cultureel centrum Blommaert'. De feestrede wordt uitgesproken door Neel Vermeiren. Er is een tentoonstelling over het omvangrijke werk van de schrijver. En in opdracht van de heemkring Wesalia II wordt een rijk geïllustreerd en gedocumenteerd werk over Blommaert samengesteld door Stan Dirven.

Herdenkingen in 2008 tijdens het Aloïs Blommaertjaar in Wuustwezel:

Leven Biografie

Tijdens opleiding tot onderwijzer
Tijdens opleiding tot onderwijzer

Aloïs Blommaert wordt geboren te Wuustwezel op 19 november 1912. Na kleuterschool en gemeentelijke lagere school in zijn geboortedorp, gaat hij naar de school van de Broeders van Liefde te Merksem. Op 14-jarige leeftijd gaat hij naar de katholieke normaalschool in de Mutsaertstraat te Antwerpen.

Tijdens deze opleiding schrijft hij zijn eerste verhalen voor de jeugd en levert verzen en proza aan verschillende studententijdschriften.

1931 — Behaalt zijn onderwijzersdiploma
1932 — Soldaat bij het vijfde linieregiment te Antwerpen
1933 — Onderwijzer in het tweede leerjaar te Wuustwezel. Al gauw gekend als 'meester Wies'. Jaarlijks verschijnen er een reeks boekjes, uitgegeven bij L. Opdebeek in Antwerpen.
1936 — Huwt Aloïs met Clem. Meyssen. (zie Moeke Blommaert)
1939 — Eerste kindje Maria geboren; later Lieve (1941), Wies (1943) en Lutgart (1944). De kindjes Maria en Wies sterven in hun eerste levensjaar.
1939 — Meester Wies wordt ziek en moet de school vaarwel zeggen. Zijn verdere leven tracht hij de jeugd te blijven bereiken door zijn jeugdboeken.
1945–1948 — Verblijft in een sanatorium te Zwitserland. Na zijn terugkeer krijgt 'leven' een andere betekenis. Zijn huis wordt de ontmoetingsruimte voor vele vrienden.
Lourdesbedevaart
Lourdesbedevaart

Hij blijft schrijven voor de jeugd en over zijn geliefde heide. Hij houdt van de natuur, kent het belang van het historisch denken, interesseert zich aan archeologie en kunst. Hij zweert bij de kracht van goedheid en vriendschap tussen mensen. Dit alles vertaalt zich in zijn boeken over natuur – geschiedenis – kunst – avontuur.

Zijn romans waarin het echte hart van de Kempen klopt, zijn vooral een ode aan de stille werkers van de heide. Hij werkt mee aan verschillende tijdschriften en kranten, Zonneland en Vlaamse Filmkens…

Wies is ook een zeer gelovig man. Jaarlijks gaat hij met zijn vrouw Moeke Blommaert naar het bedevaartsoord te Lourdes. Mede ook door zijn werk in het ziekenblad 'Onder Ons' als Wies Veteraan en Professor Letterman wordt zo een zeer grote familiekring uitgebouwd.

Op maandag 30 juni 1958, twee dagen na zijn laatste Lourdesreis, sterft Aloïs Blommaert op 45-jarige leeftijd.

Oeuvre Bibliografie

Romans

Kuningas1941
Tweede prijs Vlieberghprijskamp van het Davidsfonds
Het moeilijke begin1943
Zwarte heide1944
Bekroond door de Vereniging der Kempische Schrijvers – beste Kempisch historisch verhaal
Heksenjong1944
De laatste vracht1945
De varkensboer1945
Derde prijs Gottmer-prijs, Holland
Wroeters1945
Derde prijs romanprijsvraag Davidsfonds 1945
Piet Pauwels schrijft een roman1954
De heikeuters1957

Jeugdboeken

Indië, het land der geheimnis1935
Toon Mijzen1935
De 'Wereldschool' bij de kabouters1935
De oorlogsjaren van Lewieke1936
De bekeerde reus1936
't Eenzame graf1936
De bende van meester Wies1937
Jan Sukkel1937
De nieuwe1937
Sus, de zwerver1937
Seppe1937
Lange Jef1938
Gezworen kameraden1939
Vier tegen vier1940
Willibrord1942
Bonte bende1943
Avonturen van Stalen vuist1944
Berthold de moedige1944
Flinke kerels1945
Van vier Woudelopers en een dubbelen knoop1948
Driejaarlijkse prijs van de provincie Antwerpen
Reinaert de Vos1950
Tijl Uilenspiegel1950
Onze jongens in het vuur1951
Het toverland van Nolleke Meizen1951
De Leeuwen klauwen1952
Meneerke Molleman1952
De koning van de beek1952
Jan Pannekoek bij de grotmensen1952
De duivel in de put1952
Reporter Stikker op goudjacht1952
Fried, de jonge kruisridder1953
Het gestolen millioen1954
De linten uit het haar1954
Kool de smid1955
Avonturen in grotten en gangen1955
Avontuur in gang n°71955
De familie Trippel-Trappel-Troppel1955
Met de Tamara op avontuur1956
Eervolle onderscheiding Sheed en Ward – best jeugdboek van 1955
De Trippel-Trappel-Troppeltjes in nood1956
Dieven op de Trippel-Trappel-Troppelberg1956
Twee zusjes en een broereman1957
De droom van Pietje de Schaper1957
De Leie, gouden rivier1957
Gent, de trotse stede1958
De jongens van Tamara1958
De schat van de spookridder
De duivels-kanonnen
Als de brug springt
De schatgravers
Stalen vuist helpt Wolfspoot
De kampioen van 't dorpsplein

Echtgenote Moeke Blommaert

Op 15 april 1936 huwt Aloïs Blommaert met Clem Meyssen, geboren te Hamont op 19 augustus 1912.

Geïnspireerd door haar man schrijft zij ook een aantal sprookjes, zoals 'Een rijtje van tien', 'Een wondere feestnacht', 'De toversteen van koning Ris', 'Kiekemieke'.

Als echtgenote en moeder onovertroffen wordt ze ook 'Moeke Blommaert' voor de vele vrienden, een naam die ze tot aan haar overlijden in 2002 blijft dragen.

Zij is gelukkig om het feit dat haar man blijft voortleven in zijn boeken en in de harten van familie en vrienden.

Als lid van de kunstenaars voor de jeugd ligt ze mee aan de basis van de Aloïs Blommaertprijs voor een jeugdboek in 1983. In juli wordt de prijs uitgereikt in Maria Oudenhove. Een tentoonstelling geeft een beeld van het omvangrijke werk van Aloïs en tijdens de feestelijke zitting wordt de prijs overhandigd aan Christina Guirlande voor het bekroonde werk 'De tocht door de ommuurde tuin'.

Ze is ook de gemeente, de heemkring, de cultuurraad en de vele vrienden enorm dankbaar voor de erkenning die haar man blijft genieten in Wuustwezel.

Moeke Blommaert genoot van de haiku-dichtvorm. Zij publiceerde meerdere bundels. In haar haiku bracht ze natuur, levenskracht en geloof tot leven.

Enkele van haar haiku's:

Goudgele brem en
gouden regen, vul nu de
kruiken met weelde
Herinneringen
bloeien langs onze weg als
rode papavers
Gedachten etsen
hun herinneringen op
muren van stilte
Ik hoor een merel
fluiten, plots is mijn kamer
vol lentegeuren
Moeke, je was een kunstenaar. Je schreef vanuit het leven, sprankelend en wijs. Je was ook gelukkig om het werk van je man, jeugd- en heimatschrijver. Samen met hem wilde je het leven als een sprookje beleven. Deze droom droeg je na zijn dood een heel leven lang mee… — Stukje tekst van haar doodsprentje († 5 mei 2002)

Feestrede De cirkel is rond…

Feestrede door Neel Vermeiren uitgesproken bij de inhuldiging van het CC Blommaert te Wuustwezel.

De ooievaars die dinsdagavond massaal neerstreken in het gemeentepark waren eigenlijk vier dagen te vroeg. Maar toch was het erg symbolisch dat één ooievaar even rustte op het dak van de vroegere woning van de familie Blommaert hiernaast. Symbolisch voor deze dag van wedergeboorte van onze Wuustwezelse schrijver.

Voor Aloïs Blommaert zelf was dit allemaal niet nodig geweest. Hij wilde zelf niet in de belangstelling staan. ,,De lezer en vooral de kinderen die deugd beleven aan wat ik schrijf, zijn belangrijk,’’ zei hij meermaals. En toch, Aloïs Blommaert verdient dit. En het is passend dat Wuustwezel hem blijvend in herinnering brengt. Want Aloïs Blommaert was niet alleen schrijver, hij was vooral een levenskunstenaar. En een volk dat kunstenaars eert, is een groot volk, zo leerden we toch.

Aloïs Blommaert was in de eerste plaats een mens van goede wil. Hij was tevreden als hij zag dat het anderen goed ging. Hij vergat er zijn eigen lichamelijke miserie door. Zo begon hij ook als schrijver. In de klas voelde meester Blommaert, die onderwijzer was aan de gemeentelijke lagere school van Wuustwezel-Centrum, wat zijn leerlingen graag hoorden. Zijn oud-leerlingen getuigen nu nog dat meester Blommaert een geboren verteller was. Hij kon het jonge volkje enorm boeien. En uit zijn vertellingen in de klas zijn zijn eerste verhalen geboren. En het werden er meer: in totaal schreef hij zestig boeken. Zijn werken zijn avonturen, vertellingen, verhalen voor de jeugd, sprookjes en geschiedkundige werken, natuurverhalen, volkskundige verhalen voor de rijpere jeugd en romans.

In zijn jeugdboeken is het kind de ziel van zijn fantasierijke wereld. Zijn verhalen en zijn avonturen dragen de stempel van zijn eigen persoonlijkheid: eenvoud, blij om het leven en goedheid zijn de meest opvallende kenmerken. Een beetje oubollig nu, zou je wel eens kunnen horen. Niets is minder waar. Blommaert streefde naar waarden die een mens nu nog kunnen bekoren. De echte waarden van het leven, de menslievendheid, het filantropische, dat mag en kan niet verloren gaan. Deze waarden kunnen nu nog de nectar zijn waaraan mensen zich kunnen laven. Zelfs in een cowboyverhaal als de reeks rond de Stalen Vuist mijdt Aloïs Blommaert het geweld. En dit alles zonder dat de spanning wijkt. Vertel je dit verhaal nu nog aan kinderen, dan hangen zij aan je lippen, verliezen geen moment hun aandacht. Een beter bewijs voor de kracht van zijn pen kunnen we niet vinden. Albe zei het gevat: ,,In Aloïs Blommaert bereiken mens en kunstenaar een bewonderenswaardig evenwicht.” Het is goed dat Wuustwezel zo’n kunstenaar koestert.

In Aloïs Blommaert bereiken mens en kunstenaar een bewonderenswaardig evenwicht. — Albe

De schrijver wilde het geestelijk erfgoed van het Vlaamse volk mee doorgeven. Hij kende en beleefde Vlaanderens verleden, en, daardoor werkte hij aan de toekomst. Een boeiend verteller blijft de mensen aantrekken. Het bewijs hiervan wordt in deze dagen geleverd door Karel Vingerhoets, in zijn zomerse Antwerpse vertellingen.

Men zegt wel eens: Blommaert was geen vernieuwer of experimentator. Dat is waar, hij is meer de idealist en de romanticus. Maar toch brengt Aloïs Blommaert ook vernieuwend werk. Als voorbeeld nemen wij het jeugdverhaal ‘Het gestolen miljoen’. Dit werk werd terecht enkele jaren geleden terug uitgegeven door het gemeentebestuur van Wuustwezel. Het handelt over het prachtige schilderij ‘De Nood Gods’ uit de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Wuustwezel. Dit werk zit helemaal in de sfeer van het magisch-realisme. Wie ‘De komst van Joachim Stilller’ van Lampo las, zal dezelfde elementen herkennen. In dit werk bewijst Blommaert dat hij ook andere genres in zijn pen heeft. Dat onze schrijver alom werd gewaardeerd bewijst de prijs van het beste jeugdboek in 1955 die hij behaalde met het verhaal ‘Met de Tamara op avontuur’.

Aloïs Blommaert was en is een kunstenaar voor de jeugd. Maar ook zijn werk voor volwassenen, zijn romans, eenvoudig van thema en structuur, illustreren zijn levendige en boeiende verteltrant. Ook hier behaalde hij heel wat prijzen. Met dit werk eist hij als het ware waardering voor het werk van de kleine man, de noeste werker, het eenvoudige gezin, de echte Kempenaren. Met dit werk kon hij ook de gewone man boeien en raken. De eerlijkheid van zijn verhalen, zonder franjes, zonder nevenbeschouwingen, tonen de eenvoud van zijn werk, de eenvoud van zijn pen en zijn schrijftafel. Dat deze schrijftafel vaak zijn ziekbed was brengt ons tot nog meer bewondering. Want steeds blijft hij de optimist, nooit laat hij zich verleiden tot negatieve kanttekeningen. In zijn historische streekromans brengt Blommaert vaak de hulde aan de heikeuter, de arme, Kempense boer die door noeste arbeid de grond vruchtbaar maakt. Zijn boeken illustreren knap die tijdsgeest. Zijn hele werk belichten zou ons te ver leiden. Wij raden u aan om het rijkelijk geïllustreerd en gedocumenteerd werk te lezen dat Stan Dirven schreef in opdracht van de oudheidkundige kring Wesalia II en dat bij deze gelegenheid wordt uitgegeven. Wie van Wuustwezel houdt moet ook eens enkele werken van Aloïs Blommaert herlezen. Zo is er nu ook de heruitgave van ‘De duivel in de put’ dat handelt over de teloorgang van de brouwerij De Koning van Spanje.

Aloïs Blommaert is zoals vele kunstenaars een schepper en een zaaier. Vandaag mag hij eindelijk in Wuustwezel echt ten volle oogsten. Want, beste mensen, moeke Blommaert, kinderen en familie, vrienden van Aloïs Blommaert, vandaag is de cirkel rond. Hiernaast is het begonnen. 'Het moeilijk begin' weet je nog wel. Op deze plaats is alles voltooid. Want de herinnering aan een groot Wuustwezels kunstenaar wordt door deze realisatie voor altijd bewaard. En hij, onze goede, vriendelijke schrijver verdient dit ten volle. Ook voor u, Aloïs Blommaert, is de cirkel nu rond. Leef verder onder ons. — Neel Vermeiren

In al zijn werken herkennen wij de verteller en de begaafde kunstenaar met een moedige en optimistische levensvisie. Aloïs Blommaert bezit de waarachtige roeping van de kunstenaar: schoonheid schenken aan de lezer of de kijker, hem doen nadenken en confronteren met zichzelf, hem doen dromen of raken, en mediteren. Aloïs Blommaert is zoals vele kunstenaars een schepper en een zaaier. Vandaag mag hij eindelijk in Wuustwezel echt ten volle oogsten. Want, beste mensen, moeke Blommaert, kinderen en familie, vrienden van Aloïs Blommaert, vandaag is de cirkel rond. Hiernaast is het begonnen. ‘Het moeilijk begin’ weet je nog wel. Op deze plaats is alles voltooid. Want de herinnering aan een groot Wuustwezels kunstenaar wordt door deze realisatie voor altijd bewaard. En hij, onze goede, vriendelijke schrijver verdient dit tenvolle. Ook voor u, Aloïs Blommaert, is de cirkel nu rond. Leef verder onder ons.

Beeldarchief Foto's

Rouwstoet

Bij het afscheid: de rouwstoet vertrekt naar de kerk.

Bij het afscheid

v.l.n.r. Albe, Leo Opdebeeck, Emiel Van Hemeldonck, Jan Delmartino en Dokter Van den Eynde

Grafsteen

Grafsteen vervaardigd door beeldhouwer Herman Cornelis en kunstsmid Maarten Pauwels

Inhuldiging CC Blommaert

Inhuldiging CC Blommaert

Opleiding tot onderwijzer

Tijdens opleiding tot onderwijzer

Legerdienst

Legerdienst

Meester Wies

Meester Wies

Het gezin

Het gezin te Wuustwezel

Lourdesbedevaart

Lourdesbedevaart

Prentkaart De Beukelaer

Prentkaart De Beukelaer uit de reeks "Ken Uw Volk"

Natuurliefhebber

Natuurliefhebber

Met vrienden

Met vrienden… v.l.n.r. Herman Cornelis, Wies Blommaert, Frank Geysen, Luc Benats

Literair fragment Slotfragment uit Zwarte Heide

Gijsbrecht Geertsen is dood. Zijn kroost zal hem begraven en levende hei planten op zijn graf. De doodsklok tampt de enkelslag. Maar de vlakte bloeit in purper en goud en hoog koepelt de blauwe oneindigheid boven de zegepralende hei der gulle, milde Kempen. Op het eenvoudige kruis van Gijsbrecht Geertsen staat zijn naam en het jaar van zijn heengaan: 1600.

Boven het stille kerkhof trilt een wonder lied. De wind uit de vlakte voert het mee. In een verre echo, of is het de oude Geertsen die spreekt, klinkt het levenswoord der wroeters van de Wezelse hei: "God is goed". — Aloïs Blommaert, Zwarte Heide (1944)